Luc Ardies: "Franchise wordt hét distributiemodel van de toekomst”

De franchiseformule is alsmaar prominenter aanwezig in het Belgische retaillandschap, zeker in de supermarktsector. Die evolutie zal zich ook nog een tijdje doorzetten, meent Luc Ardies. Wij vroegen de directeur van sectororganisatie Buurtsuper.be naar zijn visie op de franchisewerking in ons land.

 

Buurtsuper.be is de Unizo-organisatie van de zelfstandige voedingshandel die de belangen van zelfstandige voedingswinkels, superettes en supermarkten in Vlaanderen verdedigt en de zelfstandigen informeert en bijstaat met aangepaste sociale en bedrijfseconomische dienstverlening. Er zijn met andere woorden weinig organisaties die dichter staan bij de franchisenemer. Directeur Luc Ardies is op zijn beurt dan ook één van de mensen die de sector het beste kent. Wij vroegen hem wie de franchisenemer in ons land is, en waarom hij zoveel succes heeft.

 

De zelfstandige supermarktuitbater wordt belangrijker, maar hoe groot is zijn belang in de sector?

 

Franchise weegt hoe langer hoe meer door in de Belgische supermarktsector. Het marktaandeel van de zelfstandige buurtsupermarkt in België is sinds 2000 gestegen van 27,9% naar 28,8%. De Vlaamse buurtsupermarkten doen het nog beter: ze nemen 33,4% of een derde van de totale verkoop in de sector voor hun rekening. Dat zijn cijfers die kunnen tellen. Bij de grote retailers staan de zelfstandigen ondertussen al in voor minstens de helft van de groepsomzet. En bij Colruyt Group, dat vooral actief is met filiaalwinkels, zien we dat het Spar-enseigne (nu onder de vlag Retail Partners, red.) alsmaar aan belang wint. We kunnen alleen maar vaststellen dat de franchiseformule goed werkt in België.

 

Hoe verklaart u dit succes?

Enerzijds is er de puur zakelijke kant van het business concept: de zelfstandige runt zijn supermarkt zelf. Hij werkt voor eigen rekening, maar moet zichzelf ook niet elk gewerkt uur uitbetalen. Bovendien wordt een winkel meestal door meerdere vennoten uitgebaat en ligt de productiviteit bijzonder hoog. Je hebt dan bijvoorbeeld twee franchisers die 70 uur per week kloppen. De rekening is dan snel gemaakt. In een geïntegreerd filiaal is dat gewoonweg onbetaalbaar. Anderzijds is er ook de emotionele kant. Zelfstandige ondernemers zijn vaak uit de plaatselijke klei getrokken, zeg maar. Dat is een groot voordeel, want ze maken deel uit van de lokale gemeenschap en voelen aan wat er beweegt en hoe ze daar op moeten inspelen.

 

Wil de klant dan niet gewoon de laagste prijs?

Als zelfstandige moet je het sowieso hebben van kwaliteitspositionering. Weinigen zullen erin slagen de goedkoopste van de streek te zijn. Ze moeten zich dus differentiëren op andere vlakken. Zich onderscheiden van de grote ketens kunnen ze het best door zelf in de winkel te staan. Zelfstandige ondernemers zijn het gezicht van de supermarkt in de lokale gemeenschap. Ze staan oog in oog met de klant. Dat is iets waar de grote ketens niet tegen op kunnen.

 

Differentiatie

 

Hoe kunnen franchisenemers zich nog onderscheiden?

Door te mikken op een concept dat echt op differentiatie speelt. Daar ligt volgens mij net de toekomst van de zelfstandige detailhandelaar. De consument wordt al constant geconfronteerd met een heel geüniformiseerd aanbod. Hij wordt zo vanzelf vragende partij voor formules die net iets anders aanbieden. Dat is een slingerbeweging die we nu al zien. En de winkeluitbater kan daar ook in een franchiseformule op inspelen, door eigen accenten aan te brengen in het winkelconcept. Veel zelfstandigen hebben bijvoorbeeld een opleiding genoten als slager. Die ervaring en kennis kunnen zij implementeren in hun winkel door van de beenhouwerij het paradepaardje te maken. Maar dat kan evengoed een wijnafdeling zijn, bij een zelfstandige met een passie voor wijn. Dat hangt van de franchisé af.

 

De franchisenemer zelf is dus het geheim van het succes van de formule?

 

De franchiseformule is vooral een succes door de combinatie van de ondersteuning en aankoopkracht van de grote retailer aan de ene kant, en de kracht van de zelfstandige ondernemer aan de andere kant. Het beste van twee werelden dus, waardoor franchise volgens mij hét distributiemodel van de toekomst kan worden. Dat succes heeft veel te maken met het stuk autonomie dat de zelfstandige zelf kan invullen en waarmee hij zichtbaar het verschil kan maken. Het is dus een zeer positief verhaal, als de zelfstandige voldoende ruimte krijgt om te ondernemen. 

 

Vooral een familieaangelegenheid

 

De Belgische franchiser is een zelfstandig ondernemer. Wat kan u nog meer vertellen over de gemiddelde supermarktuitbater?
 

Wij hebben onlangs een profielstudie gedaan naar de zelfstandige supermarktuitbater. Daaruit blijkt dat de kleine buurtsuperette van weleer uitgegroeid is tot een volwaardige buurtsupermarkt. Met schaalvergroting op vlak van assortiment, maar ook op het vlak van personeel. De gemiddelde buurtsupermarkt heeft ondertussen al 15 medewerkers rondlopen. Toch blijft het uitbaten zelf nog vooral een familieaangelegenheid. In meer dan 60% van de zelfstandige winkels in Vlaanderen wordt de winkel uitgebaat door man en vrouw of door ouders en kinderen. We voelden dat op zich wel aan, maar de cijfers hebben ons toch verrast. In Wallonië ligt dit cijfer naar verwachting iets lager, maar zal het nog altijd hoog zijn.

 

Hoe verklaart u dit?

Een supermarkt is een erg kapitaalintensieve onderneming. Dan kan het verschil tussen overlaten, samen opstarten of alleen opstarten doorslaggevend zijn. Bij Delhaize zien we nu bijvoorbeeld dat men nog zelfstandige overnemers zoekt voor een zestal winkels. Wel, bij Delhaize zijn er veel familieondernemingen die eigenlijk overgaan van generatie op generatie. Het is veel moeilijker om mensen te vinden die “from scratch” willen beginnen. Dat zal in de toekomst ook wel een hindernis opwerpen voor verdere franchisering. Sommige formules lossen dat op door een groot stuk van de investering op zich te nemen. Maar dat gaat al snel richting een concessie-overeenkomst. Ik hoop dat we niet verder in die richting afglijden.
 

Eén van de uitdagingen voor de franchisenemer is e-commerce. Wat moet de zelfstandige online doen volgens u?

 

E-commerce biedt zeker kansen, ook voor de franchisenemers. Zo kan de nabijheid van de winkel uitgespeeld worden bij afhaalpunten, of kan e-commerce winkeliers toelaten hun assortiment (online) uit te breiden. Maar de zelfstandige handelaar moet niets overhaast doen. Ik denk dat je niet altijd de eerste moet zijn, maar dat je de situatie nu een beetje kan omschrijven als “rijden en omzien is”, zoals ze in Vlaanderen zeggen. Je moet als zelfstandige heel voorzichtig experimenteren vooraleer je grote investeringen begint te doen. Het is belangrijk om mee te zijn met trends, maar je moet er niet zomaar inspringen en er eerst voor zorgen dat je ROI verzekerd is.
 

 

Taxshift

 

Jullie hebben zich onlangs ook nog laten horen in het tax shift-dossier. Wat zullen de gevolgen hiervan zijn voor de zelfstandige?

Eerst het goede nieuws: er komt terug een stuk loonlastenverlaging. Dat is toch erg belangrijk voor onze sector, die over het algemeen toch niet de hoogste lonen telt. We hopen dat de loonkost zo tegemoet wordt gekomen zodat we kunnen blijven investeren. Minder goed is de frisdranktaks en de stijgende accijnzen op tabak en alcohol. We vrezen dat door de cumulatie van deze taksen, de winkels in het grensgebied met Frankrijk te weinig concurrentieel zullen worden. Ik hou mijn hart ervoor vast dat de plannen rond statiegeld voor blikjes, waar je nu veel over hoort, er niet door komen. Anders kan je op de parking van de supermarkten tegen de Franse grens evengoed een pijl naar Frankrijk zetten.

 


Lees meer over franchise in de Belgische food retail in Gondola Magazine #211. Nog niet geabonneerd? Klik hier!

 

 

Auteur: 

Joram De Bock
Bord-Bia - NL - SIDE